HIV (aids)

Deze soa wordt veroorzaakt door een virus, het zgn. Humaan Immunodeficiëntie Virus (HIV). Het virus leeft in het bloed maar kan o.a. ook voorkomen in sperma, voorvocht en vaginaal vocht. Dit betekent dat besmetting mogelijk is door slijmvliescontact of bloedcontact via bijvoorbeeld kleine wondjes. Een groot deel van de mensen hebben 2 tot 4 weken na de besmetting heftige griepverschijnselen, hoofdpijn, koorts, moeheid, lichtschuwheid en huiduitslag. Deze klachten verdwijnen in veel gevallen weer zonder behandeling. Het is ook mogelijk dat het virus al jaren in het lichaam aanwezig is zonder duidelijke symptomen.

Onbehandeld tast het virus het immuunsysteem zeer ernstig aan met allerlei complicaties en uiteindelijk de dood tot gevolg. Genezing van HIV is (nog) niet mogelijk maar kan door het levenslang slikken van medicijnen worden afgeremd. Wie zich in een vroeg stadium laat behandelen raakt niet in het gevaarlijke aids-stadium. Bij een onveilig sekscontact dat niet langer dan 72 uur geleden heeft plaatsgevonden bestaat dan ook de mogelijkheid om een zgn. PEP (postexpositieprofylaxe) voorgeschreven te krijgen. Neem bij het vermoeden van een mogelijke besmetting met het HIV hiervoor onmiddellijk contact op met de huisarts of GGD.

Anale seks en vaginale seks tijdens de menstruatie zonder condoom geven een grote kans om besmet te raken met het HIV. Ook het gezamenlijk gebruik van naalden geeft een zeer grote kans op besmetting indien een van de partners het HIV bij zich draagt. De besmettingskans is ook groter als er ook andere soa´s aanwezig zijn.